
De kunstroof blijft een geliefd onderwerp in films en series. Maar hoe begin je als filmmaker aan zo’n verhaal? Kies je voor actie en spanning, of zoek je het elders? Met The Mastermind levert Kelly Reichardt een heistfilm af die resoluut voor het laatste kiest.
Hoewel Kelly Reichardt al jaren wordt geprezen als een van de belangrijkste stemmen binnen de Amerikaanse onafhankelijke cinema, moet ik toegeven dat ik nog maar enkele van haar films heb gezien. Maar haar voorkeur voor sobere, karaktergedreven verhalen waarin observatie belangrijker is dan spektakel valt wel meteen op.
Regie: Kelly Reichardt – Speelduur: 110 minuten
Cast: Gaby Hoffmann, Bill Camp, Josh O’Connor …
Genre: misdaad – Originele taal: Engels
De perfecte roof?
Jaren zeventig, Amerika. Het gezin Mooney – vader James, moeder Terri en hun twee jonge zoons Carl en Tommy – bezoekt een lokaal museum. Het is er opvallend stil; de bewaker heeft zich ergens in een zaal geïnstalleerd voor een middagdutje. Terwijl de jongens luidruchtig door de gangen rennen en Terri er wat gelaten achteraan slentert, dwaalt James’ blik aandachtig langs de schilderijen. Voor hem is dit geen gewoon familie-uitje: hij is hier ter voorbereiding.
James bereidt zich nauwgezet voor op een gewaagde kunstroof, een die hij op klaarlichte dag wil uitvoeren. Maar waar hij koel en bedachtzaam te werk gaat, toont zijn team zich minder betrouwbaar. En zelfs wanneer de diefstal lukt en de schilderijen in zijn bezit zijn, begint het echte probleem: kunst stelen blijkt eenvoudiger dan kunst verkopen. Wanneer de druk toeneemt en de politie hem op de hielen zit, rest hem nog maar één optie: verdwijnen. James slaat op de vlucht, zonder duidelijk plan en misschien zonder kans om ooit nog terug te keren naar het leven dat hij achterlaat.
Meer sfeer dan spanning
The Mastermind is geen spektakelfilm, maar een staaltje in minimalisme en bedachtzaamheid. Kelly Reichardt kiest voor een sobere vertelstijl met een strak script. De opzet van de overval voelt vertrouwd, elk filmliefhebber heeft dit soort plannen al vaker zien ontvouwen, maar alles eromheen draagt onmiskenbaar Reichardts handtekening. De film is minutieus opgebouwd, maar vraagt ook veel geduld als kijker: lange, verstilde shots van een kamer, of twee personages die zwijgend een weg aflopen. Niet iedereen zal daarin evenveel spanning of schoonheid vinden.
De sfeer en aankleding zijn daarentegen ronduit indrukwekkend. Warme kleuren, een wereld die lijkt te ademen in traagheid en stilte. De jarenzeventigmode — wollen truien, corduroy broeken en wijde kragen — voelt volledig authentiek aan, een absolute pluim voor het kostuumteam, net als voor de zorgvuldig uitgewerkte sets die elk detail geloofwaardig maken. De jazzy soundtrack sluit mooi aan bij die sfeer, al dringt de muziek zich soms net iets te nadrukkelijk op.
Josh O’Connor speelt James als het vermeende meesterbrein: hij bedenkt het plan, maar laat anderen het vuile werk opknappen. Gaandeweg ontvouwt zich echter een subtiele portret. James blijkt geen groot strateeg of misdadig genie, maar eerder een man zonder uitgesproken kenmerken, iemand die verschijnt en weer verdwijnt zonder blijvende indruk. Uiteindelijk blijft hij slechts een voetnoot in de geschiedenis: een man die een museum beroofde.
Over The Mastermind zullen de meningen ongetwijfeld verdeeld zijn. De trage vertelstijl maakt dit geen film voor wie spektakel verwacht. Voor mij werkte de film bijna meditatief, al was de soundtrack soms wat te nadrukkelijk aanwezig. Reichardt levert zonder twijfel een zorgvuldig opgebouwde, knap gemaakte film af, al kan die aanpak voor sommigen ook pretentieus overkomen. Wie zich echter laat onderdompelen in haar filmwereld, krijgt een portret van een man die probeert zijn eigen lot te bepalen, maar uiteindelijk door de werkelijkheid wordt ingehaald. Voor kijkers die houden van dit soort cinema is The Mastermind dan ook absoluut een film die je het best in de bioscoop ontdekt. Mijn score van 8/10 is een erkenning van het indrukwekkende vakmanschap, al besef ik dat dit voor velen geen publieksfavoriet zal zijn, zeker niet voor wie cinema vooral als adrenalinekuur beschouwt.











