
Een film hoeft niet altijd grote verhaallijnen of spectaculaire plots te hebben om indruk te maken. Soms schuilt schoonheid juist in het gewone: het alledaagse leven, met zijn vaste gewoontes en onverwachte wendingen. The Love That Remains van Hlynur Pálmason is zo’n film: een intiem, poëtisch portret van een gezin dat leert omgaan met hun leven na de scheiding.
Regie: Hlynur Pálmason – Speelduur: 109 minuten
Cast: Panda, Saga Garðarsdóttirn, Ída Mekkín Hlynsdóttir …
Genre: drama – Originele taal: Ijslands
Na het zien van zijn eerdere werk, Godland, was ik erg onder de indruk van Hlynur Pálmason als regisseur. Toen ik hoorde dat hij een nieuwe film zou uitbrengen, was mijn interesse meteen gewekt. In The Love That Remains laat Pálmason opnieuw zien hoe subtiel hij emoties en familiedynamiek weet vast te leggen.
Waar liefde blijft
In The Love That Remains volgen we Anna (Saga Garðarsdóttir), die na haar scheiding probeert een nieuw leven op te bouwen als kunstenaar. Ze werkt in een openluchtatelier met uitzicht op het ruige IJslandse landschap, maar het is niet eenvoudig om haar werk in een galerie te krijgen. Ondertussen zorgen haar drie kinderen – Ída, Grímur en Þorgils – samen met de hond Panda en een eigenzinnige haan voor chaos die haar plannen keer op keer verstoren.
Haar ex-man Magnús (Sverrir Guðnason), een visser die veel tijd op zee doorbrengt, blijft een belangrijke aanwezigheid in het gezin. Gedurende een jaar zien we hoe Anna en haar kinderen hun leven na de scheiding opnieuw opbouwen, met kleine en grote obstakels die hun dagelijkse ritme en emoties uitdagen.
Het ritme van een gezin in vier seizoenen
Pálmason slaagt erin het leven van een IJslands gezin gedurende een jaar vast te leggen, in al zijn complexiteit en eenvoud. De dynamiek binnen het gezin levert grappige, absurde en ontroerende momenten op, afgewisseld met symbolische details en vluchtige beelden – foto’s van paddenstoelen, kleine visuele raadsels – die de film een poëtische, bijna dromerige laag geven. Het is het leven zoals het is, los van de traditionele narratieve structuur; teveel interpretatie zou de speelsheid van de film beperken. The Love That Remains nodigt uit om zonder oordeel te kijken en je te laten meevoeren in een intieme blik op het alledaagse, waarin routine even betekenisvol is als grote gebeurtenissen.
Het gezin wandelt en verzamelt bosbessen en paddenstoelen, terwijl visser Magnús zijn netten binnenhaalt. De kinderen zijn bezig met hun eigen spel: ze maken van een vogelverschrikker een ridder, die ze bestoken met pijl en boog. Hlynur filmt deze gebeurtenissen steeds vanuit dezelfde hoek, ongeacht regen, sneeuw of wind, waardoor de veranderingen in het jaar voelbaar worden. Tijd verstrijkt in montages van stilstaande beelden, bijna als een familiealbum waarin de seizoenen onverbiddelijk voorbijgaan.
De drie kinderen worden gespeeld door Hlynurs eigen kinderen: zijn dochter Ída en tweelingzonen Grímur en Þorgils. Ondanks de vele personages blijft hun emotionele wereld duidelijk zichtbaar, evenals hun reacties op de scheiding en hun plaats binnen het gezin. Toch ligt de focus vooral op Anna en Magnús, wier relatie de kern vormt van het verhaal. Naarmate de film vordert, wordt The Love That Remains steeds speelser en surrealistischer, met bijna slapstickachtige momenten en droomsequenties. De film kabbelt voort in een ontspannen ritme; hoewel hij eindigt, gaat het leven van het gezin en de natuur om hen heen gewoon door. Het resultaat is een meditatieve, intieme en fantasierijke verkenning van familie en de alledaagse wonderen van het leven.
Drie jaar na Godland richt Hlynur Pálmason zich in The Love That Remains op de kleine scheurtjes in het leven. Hij legt alles subliem vast, met oog voor detail en het indrukwekkende IJslandse landschap als decor. Minder groots dan zijn vorige film, maar daardoor zeker niet minder indrukwekkend. Juist de eenvoud en de aandacht voor het alledaagse maken het vol en meeslepend. Een prachtig portret van een gezin en hun wereld.











